Een poëtische film
31/05/2011 | Door Tim Pardijs | Gepubliceerd in columns | Tags: bijbel, film, job, Terence Malick, Thin Red Line, Tree of Life
Met een hardvochtige vader en een zachtaardige moeder groeien een jongen en zijn twee jongere broertjes op. De middelste broer overlijdt op zijn achttiende. Op middelbare leeftijd worstelt de oudste zoon nog steeds met zijn jeugd. In een hiernamaals valt de hele familie elkaar weer in de armen. Meer dan vijf jaar heb ik uitgekeken naar de verfilming van dit verhaal, geschreven en geregisseerd door Terrence Malick. Een tranentrekker? Malicks vijfde speelfilm The Tree of Life, winnaar van een Gouden Palm in Cannes dit jaar, is dat zeker niet. Daarom is Malick mijn favoriete filmmaker. De films van de Amerikaanse regisseur worden vaak omschreven als poëtisch. Maar wat is dat eigenlijk, een poëtische film? Moeder stopt glimlachend een ijsklontje onder het shirt van haar zoon om hem wakker te maken. Vader beent de slaapkamer in en rukt de dekens van de bedden. Op deze manier, in losse scenes, zonder een duidelijke verhaallijn en bijna zonder dialogen, toont Terrence Malick zijn verhaal. Hij schetst het beeld van een jongen die als observant van het gezin opgroeit, in de buurt zijn onschuld verliest en zich ontworstelt aan zijn heerszuchtige vader (Brad Pitt). Later, als hij een succesvol architect is (Sean Penn), wordt hij weer geconfronteerd met zijn jeugd.
Dit schetsen doet Malick in zijn eigen prachtige beeldtaal. In zijn carrière van 37 jaar als filmregisseur heeft de teruggetrokken filosoof – hij geeft nooit interviews en liet zijn productieteam de Gouden Palm in Cannes ophalen – zich een idioom aangemeten waarin de natuur een belangrijke rol speelt. Net als in Days of Heaven uit 1978 of bijvoorbeeld The Thin Red Line van twintig jaar daarna, zien we personages regelmatig dwalend door velden met hoog gras, hun geopende handen worden beroerd door het wuivende gras. In The Tree of Life herhaalt zich bovendien vaak een beeld uit The New World, Malicks laatste bioscoopfilm uit 2005: bomen van onderen gefilmd. Ook kenmerkend voor Malicks stijl zijn het toepasselijk gebruik van indrukwekkend klassieke muziek en de voice-overs die de kijker een blik geven in de ziel van de personages (zie trailer).
De worsteling met het lijden in de wereld is een van de dingen die we in de personages van The Tree of Life aantreffen, natuurlijk vooral ingegeven door het verlies van de middelste zoon van het gezin. Waarom? Is er een God? Het antwoord ligt volgens Malick in ieder geval niet in de tegen de borst stuitende clichés die oma haar dochter (Jessica Chastain) voorhoudt nadat het slechte nieuws is gekomen (‘Het leven gaat door’, ‘De Heer geeft en de Heer neemt’).
Malick verwijst in en met The Tree of Life naar de Bijbel, waar Job na de klaagzangen over het verlies van zijn goed en gezin eindelijk een antwoord krijgt van God: Waar was jij toen ik de aarde grondvestte? Deze tekst is het motto van The Tree of Life. En die verwijzing maakt Malick ook letterlijk, want in het eerste deel van de film, vlak nadat de middelste zoon is overleden, toont de regisseur een lange weergave van de schepping, inclusief dinosauriërs, die niet onder doet voor BBC’s Planet Earth, terwijl we moeder horen rouwen.
Dit is slechts een compacte en uiterst beperkte weergave van The Tree of Life. Bovendien een persoonlijke interpretatie. Als een goed dichter geeft de regisseur zijn kijkers de ruimte. Waarschijnlijk is dit wat bedoeld wordt als men zegt dat Malicks films poëtisch zijn. Laat dit de uitnodiging zijn om 2 juni naar de bioscoop te gaan. The Tree of Life is pas af als hij bekeken wordt.




