HANTA

Literatuur en meer

  • Home
  • Over Hanta
  • Contact
  • Privacy statement
  • Columns
  • Recensies
  • Beschouwingen
  • Blog
  • Meer
    • Liliane leest
    • Kettinglezen & rijgschrijven
    • Mediamoment
    • Sportzomers en -winters!
    • Zomergasten
    • Thuisblijfreizen
    • Bouke’s blues
    • Proza
    • Poëzie
You are here: Home / Alles / (non-)fictie / columns / Flikken rammen

Flikken rammen

21/12/2011 by Stefan Bongaerts Leave a Comment

Ik herinner me hem nog goed, mijn oranje Ford Escort met deuken en kale banden. Het was mijn allereerste wagen.
We waren allemaal rond de 18 jaar in mijn vriendenkring, en ik was de enige die werkte en een wagen bezat. Het gevolg was dat ik elk weekend met 7 – 8 personen in de wagen naar de kroeg reed.

Ik praat over midden jaren tachtig, toen het toegestane promillage bij alcoholcontroles nog wat hoger lag.

Het weekend van volgend voorval had ik toch een biertje of 7 achter de kiezen, maar ik voelde me zelfs niet tipsy. Ik reed dus met mijn gevolg naar een discotheek die ongeveer 20km verder lag. Het was een mistige avond, en tot overmaat van ramp viel er motregen, zodat we wegen best glad waren.

Het rijden ging redelijk goed, en op een bepaald moment zag ik zwaailichten in de verte voor mij. ´Shit, politiecontrole´ ging er door me heen. Gelukkig zag ik dat ze de wagens voor me ongemoeid lieten passeren. Met nieuwe moed volgde ik vrolijk de wagen voor me, toen plots een agent de weg op sprong. Met een miniversie van een Star Wars lichtzwaard gebaarde hij me te stoppen.

Ik had dus nog geen 10 meter om met kale banden op een gladde weg mijn ´bolide´ tot stilstand te brengen.
Zoals ik al vreesde raakte ik in een slip, en in slowmotion zag ik hoe de snuit van mijn auto de flank van de flikkenbus doorboorde.
Algemene hilariteit van mijn dronken medepassagiers, en zes verbaasde flikken, met mitrailleur gewapend, keken me schaapachtig aan.

Een man tikte op mijn raampje, en gebaarde iets dat leek op een obscene beweging, maar blijkbaar het algemene gebaar was om mijn raampje omlaag te draaien.

¨Mijheer heeft zeker pas zijn rijbewijs?¨ voeg hij sarcastisch.
¨Nee hoor, al zeker drie maanden.¨ antwoordde ik trots.
Zijn gezicht vertrok en hij rolde met zijn ogen. Of ik zo vriendelijk wou zijn even uit te stappen?
Hij riep er twee agenten bij,en samen duwden we mijn auto naar de kant.

¨We kunnen zelf geen proces verbaal opmaken omdat we bij het ongeval betrokken zijn, maar we hebben de plaatselijke politie verwittigd.¨ zei de man, en lachte op een Goofy-achtige manier, waardoor mijn gevolg weer helemaal in een deuk lag.

De Politie arriveerde pas na een half uur, en ondertussen lieten mijn vrienden me de ene sigaret na de andere roken, omdat ze dachten dat het mijn alcoholgehalte naar beneden zou halen(!).

Toen ze eindelijk arriveerden mocht ik in ´Het Zakje´ blazen. In die tijd hadden ze nog geen digitale meters. Bleek toch dat ik ondanks mijn 7 pilsjes nog onder het toegestane maximum zat. Daar kwam ik goed mee weg. Nadat mijn papieren waren nagekeken, mocht ik mijn reis voortzetten, maar dan wel met maar vijf inzittenden. Jammer,maar de rest moest dan maar een taxi bellen.

En ja hoor! Na 2 weken zat er een oproep voor de rechtbank in de brievenbus. Ik werd opgeroepen voor beschadiging van staatseigendom, en meer dan toegelaten aantal personen in de auto. Bij het proces kwam ik er nog goed vanaf met een rijverbod van twee weken. Ik heb dus netjes mijn rijbewijs ingeleverd, en ben twee weken op vakantie naar Italië gegaan.

Daar had ik toch geen auto nodig.

Na de vakantie pikte ik mijn rijbewijs weer op, maar voortaan mochten er maar vijf personen in de auto. En ik heb toch maar nieuwe banden gekocht.

Niets gevonden.

Filed Under: columns Tagged With: alcohol, auto, kort verhaal, politie

Leave a Reply Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Zoeken

  • Facebook
  • RSS
  • Twitter

Nieuwste berichten

  • In Watou is Woutje weggestemd
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (4/4)
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (3/4)
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (2/4)
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (1/4)

Spotlight

Auteurs

  • Liliane Waanders

Meest gelezen deze week

Tags

Abdelkader Benali Adriaan van Dis Arnon Grunberg beeldende kunst boek boeken boekenweek Cees Nooteboom column De wereld draait door dood dwdd film fotografie gedicht Ilja Leonard Pfeijffer Jan Brokken journalistiek K.Schippers kunst lezen literatuur Louise O. Fresco Marguerite Duras Oek de Jong Olympische Spelen Poetry International poëzie recensie roman Rotterdam schrijven sportzomer sportzomer 2012 sportzomer 2013 sportzomer 2014 stoïcijn tennissen Tour de France vertalen Virginia Woolf voetballen wielrennen William Shakespeare zomergasten

Zoeken

Volg Hanta

  • Facebook
  • RSS
  • Twitter

Hoofdmenu

  • Home
  • Over Hanta
  • Columns en beschouwingen
  • Recensies
  • Beschouwingen
  • Meer
  • Contact
  • Privacy statement

Rubrieken

  • Liliane leest
  • Kettinglezen & rijgschrijven
  • Mediamoment
  • Sportzomers en -winters!
  • Zomergasten
  • Thuisblijfreizen
  • Bouke’s blues
  • Proza
  • Poëzie

Net binnen

  • In Watou is Woutje weggestemd
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (4/4)
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (3/4)

Archief

Auteurs

  • Liliane Waanders

Copyright © 2026 · News Pro Theme on Genesis Framework · WordPress · Log in

Hanta gebruikt cookies. Omdat een blog runnen zonder nou eenmaal niet kan. Wilt u geen cookies, zie dan de instructies hier: Meer over cookies Ok, ik snap het
Privacy & Cookies
Necessary Always Enabled