Dyslectische Dis gaat Het Groot Dictee der Nederlandse Taal schrijven. Hij laat zich de uitgelezen kans om te laten zien dat iemand die ‘zodra iemand papier uitdeelde en met een doodgraversgezicht moeilijke woorden ging voorlezen’ zijn zelfvertrouwen verloor de taal naar zijn hand kan zetten, niet ontnemen.
Zoals elke dyslecticus bouwde ook Adriaan van Dis in zijn jeugd zijn eigen ezelsbruggetjes: ‘Alles wat mij omringde werd in letters verbeeld. Ik kon mijn dorp figuurlijk uitspellen.’ Via de verbeelding kwam hij terecht in een wereld die het waard was om er voor altijd te verblijven. ‘Natuurlijk kon ik ook zonder al die rompslomp schrijven – zij het met veel meer fouten – maar plaatjes bij letters zoeken en beelden bij woorden verzinnen, was ook een heerlijke, alles absorberende bezigheid. Ik ontwikkelde een welhaast zinnelijke relatie met woorden.’
Aan zijn ja verbond Adriaan van Dis één voorwaarde: er moet ook een prijs zijn voor degene met de meeste fouten. Die zal er dan wel komen.
Stilletjes hoop ik dat Van Dis nog een stap verder gaat. Dat hij de spellers dwars zit met woorden die niet in het Groene Boekje staan maar alleen voor dyslectici bestaan. Van die woorden, liefst ook nog zinnen, waarover de presentator strijkelt en de deelnemers in zijn val mesluirt.
We gaan het 23 december horen. In het bericht waarin de schrijver van het dictee bekend gemaakt werd, stond ook dat Het Groot Dictee die dag gepresenteerd wordt door Philip Freriks en Martine Tanghe. Dat – dat Martine Tanghe er dan bij is – is ook groot en goed nieuws.
De citaten komen uit: Een waarze sat waarin Adriaan van Dis onder andere over dyslexie verhaalt.
Leave a Reply