HANTA

Literatuur en meer

  • Home
  • Over Hanta
  • Contact
  • Privacy statement
  • Columns
  • Recensies
  • Beschouwingen
  • Blog
  • Meer
    • Liliane leest
    • Kettinglezen & rijgschrijven
    • Mediamoment
    • Sportzomers en -winters!
    • Zomergasten
    • Thuisblijfreizen
    • Bouke’s blues
    • Proza
    • Poëzie
You are here: Home / blog / Dankzij Jan Brokken leerde ik het woord labberkoeltje kennen

Dankzij Jan Brokken leerde ik het woord labberkoeltje kennen

28/05/2014 by Liliane Waanders 3 Comments

Liever nog dan titels lees ik oeuvres. En dan lees ik een oeuvre het liefst in de volgorde waarin een schrijver de titels geschreven heeft. Meer dan een dwarsdoorsnede uit wat een schrijver schreef, biedt een oeuvre zicht op de ontwikkeling van een auteur, en dat is met het oog op een interview heel handig. (Waarmee niet gezegd is dat ik alleen in functie oeuvres lees.)

Bijna twintig jaar geleden zei ik ja tegen het verzoek om Conny Braam en Jan Brokken te interviewen tijdens een aan Afrika gewijde avond, en las ik twee oeuvres voor de prijs van één.

Dat van Conny Braam in chronologische volgorde – van Operatie Vula ia De bokkeslachter naar Zwavel, meer titels waren er toen nog niet, dat van Jan Brokken noodgedwongen titel voor titel, in de volgorde waarin ik zijn titels tijdens mijn sprokkeltocht tegenkwam.

Meer nog dan de rode draden in zijn werk en de ontwikkeling van de journalist / schrijver Jan Brokken viel me toen een woord op. Een woord dat ik bij mijn weten daarvoor nog nergens was tegengekomen. Het woord labberkoeltje.

Een mooi, dromerig woord, waarvan ik niet wilde weten wat het precies betekent. Uit de contexten kon ik dat wel zo’n beetje opmaken. Dat was genoeg. En zo ik al bewijs nodig had van mijn intuïtieve gelijk, dan was het voldoende dat ik het woord daarna steeds daar aantrof waar het volgens mij op zijn plaats was.

Ik heb het ook daarna nooit opgezocht. Wel vond ik wat Jan Brokken er zelf over te zeggen had in de rubriek Het mooiste woord van… in Onze taal:

‘Het is vijf uur in de middag; zelfs de fregatvogels hangen roerloos in de lucht. Hemd en broek plakken aan je lijf; voor je gevoel ben je drie dagen niet uit de kleren geweest. Je ploft in een stoel, je snakt naar een douche en je droomt met een waas voor ogen over een noordwester met zwiepende slagregens. Helaas, het blijft een fata morgana: wanneer je het zweet van je oogleden hebt gewist, zie je weer trossen muskieten op je afkomen. Maar dan veegt een labberkoeltje als een zachte hand langs je gezicht en loopt een gelukzalige rilling over je rug. Het ergste leed is geleden.’  

Zo ongeveer stelde ik mij een labberkoeltje voor.

Ik had voor labberkoeltje een heel oeuvre voor nodig. Dr. H. Heestermans niet. Dr. H. Heestermans was al na het lezen van één boek gegrepen door het woord en maakte daar in de toespraak bij de uitreiking van de Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs 1988 aan Jan Brokken melding van: 

‘Ik hou van schrijvers die woorden gebruiken die ik niet ken. Al op de eerste pagina (blz. 9 genummerd) van Jan Brokkens bundel De zee van vroeger was het prijs. Op twee derde van de pagina staat te lezen: “Op hetzelfde moment voelde hij de wind, onvergelijkbaar met de zwoele labberkoeltjes op land.”
Ik durf er een goede fles wijn onder te verwedden dat het merendeel van u het woord labberkoeltje niet kent. Net zo min als ik het kende, overigens.Het betekent: een zeer flauwe wind en het is een zeevaartterm. Jan van Riebeek gebruikte het al in zijn Dagverhaal (1658). Hij schrijft op bladzijde 28 van het eerste deel: “schoon lieflijk weer met kleine labber Z.O. koelte.” Tussen labber en koelte kan dus nog een windrichting gevoegd worden.
Ik kan me eindeloos vermeien in de vraag: hoe kent Brokken dat woord dat wij allen niet kennen? Leest hij elke dag Van Riebeek? Zeilt hij en wordt labberkoeltje nog, als een jargon, door zeilers te pas en te onpas gebruikt? Of is hij een van die velen die woordenboeken navlooien op woorden die fraai zijn van structuur en ooit gebruikt kunnen worden?’

Nu weet ik dus precies wat het betekent. Precies wat ik dacht. En ik denk dat ik de antwoorden op de vragen van H. Heestermans ook ken. Die liggen besloten in het oeuvre van Jan Brokken. 

Op 12 juni wordt in de Rode Hoed de 65e verjaardag van Jan Brokken gevierd. Meer informatie over Het verjaardagsfeest staat hier.

Misschien ook interessant:

  1. Jan Brokken is nog niet maar wel bijna jarig
  2. Jan Brokken houdt al heel lang van Holland
  3. Waar de vader van Jan Brokken zijn boeken haalde
  4. Jan Brokken onder de platanen

Filed Under: blog Tagged With: De zee van vroeger, H. Heestermans, Het mooiste woord van, Jan Brokken, labberkoeltje, Onze Taal, verjaardag

Comments

  1. Ellen Smal says

    01/06/2014 at 21:23

    Leuk, Labberkoeltje. Als ik me in dichten ga bekwamen dan komt labberkoeltje echt in aanmerking voor spelen met mooie woorden.Nu ben ik benieuwd wat het ergste woord is volgens van Dis…

    Reply
    • R.E. Calbo says

      22/12/2019 at 17:29

      Geachte Ellen Smal,

      Ik ben benieuwd of u er al achter gekomen bent wat dhr. van Dis het ergste woord in de Nederlandse taal vindt.
      Bij het lezen van uw antwoord kwam bij mij opdissen voorbij.

      Met vriendelijke groet,

      R.E. Calbo.

      Reply
  2. Liliane Waanders says

    22/12/2019 at 17:39

    Het ergste woord volgens Adriaan van Dis (dat wil zeggen, het woord dat hij in 2012 het ergste vond):

    https://www.hanta.nl/hanta/2012/12/09/het-ergste-woord-volgens-van-dis/

    Reply

Leave a Reply Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Zoeken

  • Facebook
  • RSS
  • Twitter

Nieuwste berichten

  • In Watou is Woutje weggestemd
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (4/4)
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (3/4)
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (2/4)
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (1/4)

Spotlight

Auteurs

  • Liliane Waanders

Meest gelezen deze week

Tags

Abdelkader Benali Adriaan van Dis Arnon Grunberg beeldende kunst boek boeken boekenweek Cees Nooteboom column De wereld draait door dood dwdd film fotografie gedicht Ilja Leonard Pfeijffer Jan Brokken journalistiek K.Schippers kunst lezen literatuur Louise O. Fresco Marguerite Duras Oek de Jong Olympische Spelen Poetry International poëzie recensie roman Rotterdam schrijven sportzomer sportzomer 2012 sportzomer 2013 sportzomer 2014 stoïcijn tennissen Tour de France vertalen Virginia Woolf voetballen wielrennen William Shakespeare zomergasten

Zoeken

Volg Hanta

  • Facebook
  • RSS
  • Twitter

Hoofdmenu

  • Home
  • Over Hanta
  • Columns en beschouwingen
  • Recensies
  • Beschouwingen
  • Meer
  • Contact
  • Privacy statement

Rubrieken

  • Liliane leest
  • Kettinglezen & rijgschrijven
  • Mediamoment
  • Sportzomers en -winters!
  • Zomergasten
  • Thuisblijfreizen
  • Bouke’s blues
  • Proza
  • Poëzie

Net binnen

  • In Watou is Woutje weggestemd
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (4/4)
  • ‘Mijn toevluchtsoord wordt mijn woning’: het hotel in de literatuur (3/4)

Archief

Auteurs

  • Liliane Waanders

Copyright © 2026 · News Pro Theme on Genesis Framework · WordPress · Log in

Hanta gebruikt cookies. Omdat een blog runnen zonder nou eenmaal niet kan. Wilt u geen cookies, zie dan de instructies hier: Meer over cookies Ok, ik snap het
Privacy & Cookies
Necessary Always Enabled