HANTA

Literatuur en meer

  • Home
  • Over Hanta
  • Contact
  • Privacy statement
  • Columns
  • Recensies
  • Beschouwingen
  • Blog
  • Meer
    • Liliane leest
    • Kettinglezen & rijgschrijven
    • Mediamoment
    • Sportzomers en -winters!
    • Zomergasten
    • Thuisblijfreizen
    • Bouke’s blues
    • Proza
    • Poëzie
You are here: Home / Alles / (non-)fictie / recensies / non-fictierecensies / Recensie: Passage Parijs: in het spoor van de schrijvers – Dirk Leyman

Recensie: Passage Parijs: in het spoor van de schrijvers – Dirk Leyman

12/04/2026 by Liliane Waanders Leave a Comment

Hoeveel Parijzen zijn er?

Parijs. Wat valt daar nog te ontdekken. Die stad is al zo vaak geportretteerd dat zelfs wie er nog nooit geweest is er blindelings haar weg zou moeten kunnen vinden. Dat zou je kunnen denken, maar het is niet waar. Je kunt je daar enorm op verkijken. Omdat je haar al zo vaak gezien hebt en al zoveel over haar gelezen hebt. Daarom lijkt het alsof je je zodra je het Gare du Nord verlaat op bekend terrein bevindt.
Er is inderdaad een Parijs dat bijna iedereen kent. Al is het maar van horen zeggen. Dat is het Parijs van de Eiffeltoren, het Louvre, de Notre-Dame en de Arc de Triomphe. Iconen die voor wie niet verder kijkt het imago van de stad bepalen. Bij dat Parijs horen ook de liefde en het licht.

(Fictieve) geschiedenissen

Maar Parijs heeft nog veel meer gezichten. Onder het plaveisel en achter haar façades gaan mensen en geschiedenissen schuil waarvan je meestal geen weet hebt maar waar je soms toch nog een glimp van op kunt vangen. Het helpt als je goed om je heen kijkt. Er is genoeg dat naar vroeger verwijst. Een straatnaam… Een vervaagd opschrift op een gevel… Een op het eerste gezicht doodlopend steegje… Een marmeren plaquette met een naam die een belletje doet rinkelen. Hoe meer je weet, hoe dichter je de geschiedenis kunt naderen.

En dan is Parijs ook nog behangen met fictieve geschiedenissen. Overal in de stad wonen, werken en wandelen personages ontsproten aan de fantasie van schrijvers die Parijs kozen als de plaats van handeling voor hun verhalen. Het zijn er veel. Heel veel. De keren dat ik in Parijs was zocht en vond ik, maar ondanks dat kwam ik er thuis achter dat ik zonder het te weten nog veel meer paden gekruist had. Waarna zich een gevoel van gemis van mij meester maakte, want wat was ik me graag bewust geweest dat juist daar… En dus neem ik me voor dat me dat een volgende keer niet zal overkomen.
Maar hoe zorg je dat je niets over het hoofd ziet als je niet weet wat je over het hoofd kunt zien?

Schrijvers achterna

Over een paar weken ga ik weer. Ik weet ongeveer wat ik wil zien. Welke musea ik wil bezoeken. En dankzij Dirk Leyman kan ik ook de biotopen van schrijvers dat die voor korte of langere tijd neerstreken in Parijs betreden. Passage Parijs: in het spoor van de schrijvers heet het boek waarin hij op voorbeeldige wijze de fascinatie van een schrijver weet te koppelen aan de manier waarop de stad uit het werk naar voren komt. Dat hij elk hoofdstuk afsluit met adressen die in het kader van dat leven of een werk een rol spelen, wil niet zeggen dat hij een veredelde stadsgids heeft geschreven. Die adressen zijn uiteindelijk toch bijzaak: het gaat in Parijs om de literatuur.

Leyman beperkt zich niet tot de Franse schrijvers die bijna als vanzelf met hun hoofdstad geassocieerd worden (Colette, Patrick Modiano, Georges Perec en Raymond Queneau). Ook Paul Auster, James Baldwin, George Orwell, Jean Rhys en August Strindberg, om maar een paar namen te noemen, streken er neer en lieten zich in en door de stad inspireren.
Het is een mooi span dat Leyman in zijn boek bijeenbrengt. Hij opent met Patrick Modiano, de auteur die elke roman min of meer in zijn eigen sporen door de stad wandelt – dat is oneerbiedig gezegd: Modiano is schrijver van een hecht oeuvre waarin herinneren het centrale thema is. Leyman heeft gekozen voor een gemêleerd gezelschap. Auteurs die duidelijk aan Parijs gelinkt kunnen worden, en schrijvers van wie minder bekend is hoe zij zich verhouden tot de stad.

Journalistieke essays

Het graf van Sadegh Hedayat, schrijver van ‘De blinde uil’ (Cimetière du Père-Lachaise, foto: Liliane Waanders)

 

Passage Parijs is een dik boek, en toch staat Leyman per auteur een gelimiteerd aantal pagina’s ter beschikking. Dat dwingt hem om bondig te zijn en te focussen. Hij hoeft ook geen hele levens en complete oeuvres te bespreken of te duiden: hij hoeft alleen de link met Parijs te benoemen en te onderzoeken. Dat doet hij op voorbeeldige wijze: soepel schakelt hij tussen literair en historisch verantwoord en anekdotiek.
Er zijn locaties – straten, wijken en een enkel pand – die afdwingen dat ze zelf – en niet de auteur –centraal staan. Door het noemen van de respectievelijke passanten wint zo’n plek aan waarde. Er zijn auteurs die zo vervlochten zijn met de stad dat een abecedarium gerechtvaardigd is. De lemma’s voeren de lezers langs plaatsen en gebeurtenissen van betekenis met het alfabet als het enige structurerende instrument. Maar de meeste stukken hebben de vorm van een journalistiek essay. Leyman zoomt in – maar dwaalt nooit zover af dat het vergezocht lijkt – op concrete, soms in het kader van een leven schijnbaar onbeduidende, maar voor de band met Parijs uiterst relevante details. Die verbindt hij vervolgens met de literatuur – al en niet geschreven door de schrijver in kwestie, want Leyman verwijst ook naar verwante teksten van anderen. Het essayerende levert een persoonlijke kijk op het onverbrekelijke tussen leven en werk van de auteurs op, het journalistieke geeft de teksten vaart en maakt dat Leyman niet terugvalt op gemeenplaatsen. Passage Parijs is een lees- en bladerboek. Je hoeft het niet van voor naar achter te lezen, en het hoeft ook niet in een keer uit. Maar dan mis je misschien wel het onderlinge verband tussen deze en gene schrijver.

Ruimte voor eigen Parijzen

Met 720 pagina’s is Passage Parijs te fors om elke straathoek uit een rugzak te halen om te kijken welke paden er op het punt staan gekruist te worden. Maar het is wel een boek dat bijdraagt aan de voor- en napret van een bezoek aan Parijs. Dat helpt bij het oriënteren en het in kaart brengen van literaire bestemmingen. Een boek dat ook antwoord geeft op de vraag: hoeveel Parijzen zijn er? Er zijn oneindig veel Parijzen. De Parijzen van al die door Leyman aangehaalde schrijvers hebben iets met elkaar gemeen, maar vallen nooit volledig samen.
(Maar laten we ook even reëel zijn. Laten we niet doen alsof het de miljoenen toeristen die Parijs jaarlijks bezoeken op literaire bedevaart gaan. De meesten van hen hebben waarschijnlijk nog nooit van de meeste namen die in Passage Parijs genoemd worden gehoord.)
Het is een geruststellende gedachte dat Parijs niet volledig vastligt. Als dat zo zou zijn, is reizen in het spoor van nog de enige optie. Dan is er geen ruimte om je de stad een beetje toe te eigenen. Er moet ook in een stad waarvan de contouren vastliggen nog iets te ontdekken over blijven. En hoewel Leyman in Passage Parijs veel bloot- en vastlegt, biedt zijn boek alle mogelijkheden om in het spoor van daarin ontbrekende, maar door Leyman vast niet vergeten schrijvers hun werk indachtig een eigen parcours uit te zetten.

Misschien ook interessant:

  1. Recensie: Achternamiddagen: rondleiding door het atelier van de schrijver – Christiaan Weijts
  2. Recensie: Kleinzeer: de onzichtbare wereld van ziekte – Nadia de Vries
  3. Tweestrijd: Een dik of een dun boek?
  4. Waar strijken schrijvers neer?

Filed Under: non-fictierecensies Tagged With: auteurs, Dirk Leyman, literatuur, Parijs, Passage Parijs: in het spoor van de schrijvers, personages, recensie, schrijvers

Leave a Reply Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Zoeken

  • Facebook
  • RSS
  • Twitter

Nieuwste berichten

  • Recensie: Passage Parijs: in het spoor van de schrijvers – Dirk Leyman
  • Lezen over levens: Vondel had een kousenwinkel en Tollens was de baas van een verffabriek
  • Lezen over levens: Hoe ver mag een biograaf gaan?
  • Schrijvers oog in oog met hun publiek
  • Een tipje van de sluier: Joost Oomen over motto’s en covers

Spotlight

Auteurs

  • Liliane Waanders

Meest gelezen deze week

Tags

Abdelkader Benali Adriaan van Dis Arnon Grunberg beeldende kunst boek boeken boekenweek Cees Nooteboom column De wereld draait door dood dwdd film fotografie gedicht Ilja Leonard Pfeijffer Jan Brokken journalistiek K.Schippers kunst lezen literatuur Louise O. Fresco Marguerite Duras Oek de Jong Olympische Spelen Poetry International poëzie recensie roman Rotterdam schrijven sportzomer sportzomer 2012 sportzomer 2013 sportzomer 2014 stoïcijn tennissen Tour de France vertalen Virginia Woolf voetballen wielrennen William Shakespeare zomergasten

Zoeken

Volg Hanta

  • Facebook
  • RSS
  • Twitter

Hoofdmenu

  • Home
  • Over Hanta
  • Columns en beschouwingen
  • Recensies
  • Beschouwingen
  • Meer
  • Contact
  • Privacy statement

Rubrieken

  • Liliane leest
  • Kettinglezen & rijgschrijven
  • Mediamoment
  • Sportzomers en -winters!
  • Zomergasten
  • Thuisblijfreizen
  • Bouke’s blues
  • Proza
  • Poëzie

Net binnen

  • Recensie: Passage Parijs: in het spoor van de schrijvers – Dirk Leyman
  • Lezen over levens: Vondel had een kousenwinkel en Tollens was de baas van een verffabriek
  • Lezen over levens: Hoe ver mag een biograaf gaan?

Archief

Auteurs

  • Liliane Waanders

Copyright © 2026 · News Pro Theme on Genesis Framework · WordPress · Log in

Hanta gebruikt cookies. Omdat een blog runnen zonder nou eenmaal niet kan. Wilt u geen cookies, zie dan de instructies hier: Meer over cookies Ok, ik snap het
Privacy & Cookies
Necessary Always Enabled